Een openhartig portret van Hans van Zwam

Hij is er nog, Hans van Zwam,
maar zijn kist staat klaar…

Hij is er nog steeds, Hans van Zwam. Maar de excentrieke ex-wethouder van de gemeente West Maas en Waal is op alles voorbereid. Oók op de dood. De oud-meubelmaker heeft z’n lijkkist al klaar staan. Zelfgemaakt. Van doodeerlijk Noors grenenhout. In 2005 begon hij met dit bijzondere project. Cineast Jos Kruisbergen maakte toen een bijzondere reportage rond een bijzonder man.
Die kist is amper te tillen. De dragers zullen er straks een hele zeul aan krijgen. Voordeel is wel dat Hans van Zwam een klein, licht mannetje is; niet voor niks noemen ze hem in Maas en Waal ‘De Muis’.

Hans van Zwam

In plat Maos en Waols vertelt Hans in de reportage over zijn leven en zijn opvattingen. Foto: Jos Kruisbergen

Ooit kwam hij op het idee om zijn laatste verblijf zelf te gaan maken. Hij keek naar de film Once upon a time in the West en zag een degelijke ruwhouten doodskist voorbij komen. Dat beeld zette zich vast in z’n hoofd. “Ik heb toen hout besteld. De handelaar vroeg me of ik nat of droog hout wilde. Hij gaf me het advies om nat hout te nemen. Tijd genoeg om het te laten drogen. “Want jij bent nog lang niet dood.”
Hij geeft het eerlijk toe: zijn eigen doodskist maken, dat heeft wel een beetje te maken met provoceren, iets wat hij maar al te graag doet. En wellicht komt er ook een tikkeltje ijdelheid om de hoek kijken. Van Zwam: “Er zijn mensen die in vreugde worden geboren maar heel anoniem dood gaan. Ik wil niet anoniem sterven.”
De bodem en de zijkanten van zijn kist zijn inmiddels aan elkaar gezet. Voor hij begon, heeft Hans van Zwam nog wel even het crematorium gebeld. “Daar hadden ze geen enkel bezwaar tegen een sparrenhouten kist, als er maar niet teveel ijzer in zat. Liever geen spijkers dus, maar nieten.”

Hans van Zwam

Een zeer ongebruikelijk beeld. Iemand die tijdens zijn leven een lijkkist past. Foto: Jos Kruisbergen

Dat hij anno 2005 al zo druk met de dood bezig is, heeft niks te maken met het gevoel dat het zowat afgelopen zou zijn. Van Zwam: “Nee hoor, ik hoef geen antidepressiva en ook geen steun van het Riagg. Maar je weet nooit wanneer het komt, je kunt er maar beter op voorbereid zijn.”
Zijn uitvaart wordt dan ook meer een feestje dan een verdrietige bijeenkomst. "In Zuid-Amerika heb ik de viering en de muziek rond een uitvaart gezien en gehoord. Toen vroeg ik me af: Waarom doen wij hier zo moeilijk over de dood? Mijn crematie zal vreugdevol zijn, met een borrel na afloop en een muzikale happening. Toespraken? Nee, dat hoeft niet”, zegt hij. En dan, met pretlichtjes in zijn ogen  “Ze weten toch wel dat ik een goeie ben geweest…”
Als hij de kans zou krijgen om zijn leven nog eens over te leven, zou Hans van Zwam het allemaal net zo doen als hij heeft gedaan. “Ik heb genoten van het leven. Toen ik vijftien was, ging ik naar de Beatles, een tijdje later naar de Rolling Stones. Ik heb de halve wereld gezien.”
Een heel mooie tijd vond hij toch wel de vele jaren waarin hij politiek bedreef. "En dan vooral de periode waarin ik wethouder was.”
Hij geeft toe dat er ook wel wat minpuntjes in zijn leven waren: “Ik ben veel te weinig thuis geweest, was er te weinig voor het gezin.” En dat leidde uiteindelijk tot een echtscheiding.
Maar alom wordt hij gewaardeerd, als politicus en als mens. Zijn collega-wethouder Mart Pardoel uit Druten: “Als jongen van en uit het volk heeft hij het ver geschopt.” En Gelderlander-verslaggeefster Anne Nijtmans zegt: “Een politicus die je altijd kunt bellen, recht voor z’n raap, een kleurrijk figuur. Ik heb hem nooit op een leugen kunnen betrappen.”

Hans van Zwam

In zijn schuurtje staat de kist, die ooit bedoeld is als laatste ruststek voor Hans. Maar voorlopig komt Hans er nog lachend uit tevoorschijn. Foto: Jos Kruisbergen

Hans van Zwam heeft herhaaldelijk het verzoek gekregen om weer actief aan de politiek te gaan doen.  Hij doet het niet. "Ik ben voorzitter van de PvdA-afdeling, voorzitter van de FNV, voorzitter van hengelsportvereniging Dobbertje Onder en ik geef visvergunningen uit. Dat vind ik voorlopig genoeg. Je moet toch een keer stoppen?”
Onder het toeziend oog van zijn idool Che Guevara, wiens portret boven de werkplaatsdeur hangt, bevestigt hij nog wat kistplanken. Dan kruipt hij in z’n houten werkstuk, getooid in een simpel hemmetje, korte broek, werkmansschoenen en strohoed. Eventjes proefliggen. Het past. “Aan het voeteneind ga ik nog een mooie spreuk van Che in het hout beitelen zodat iedereen het straks kan zien. Hasta la victoria siempre: wij zullen altijd overwinnen.”
Als hij zo bezig is in zijn schuurtje, moet hij altijd een beetje in zichzelf lachen. "Als ik dood ben, zullen de mensen zeggen: Daar heb je hem weer…”
 

Van Gessel Ramen en Deuren
Beja Verhuur